74†††† LAND EN ZEEMAN

††††††††† (oost in G )†††††

†††

1Morgen gaan wij weer naar zee, mijn schip ligt zeilklaar op de ree,

††† Mijn laatste centen zijn weer op, wat baten ze mij op ít ruime sop.

††† Daar woont ook geen kastelein, geen mooie meisjes en geen wijn,

††† Drink eens broertje, drink met mij, jenever drinken dat staat vrij.

2Och, vertrek toch niet mijn vriend, het geld wordt zuur op zee verdient,

††† Doe zoals ik en blijf aan land, en kies dan ook de boerenstand,

††† Beploeg het veld, maar niet de zee, het veld dat brengt de vruchten mee,

††† Blijf dus hier en volg mijn raad, volg mijn raad, mijn beste maat.

 

3Ik een landman, neen, o neen, `k vaar liever naar Oostinje heen,

††† Ik zeil zover ik zeilen kan, zelfs tot Siena en Japan,

††† Breng dan koffie, suiker, thee, rijst, kaneel en peper mee,

††† Dan vul ik mijn beurs steeds weer, en leef gelukkig als een heer.

 

4Bedenk toch dat die Oceaan, zoo menig scheepje doet vergaan,

††† Daarvan is de landman vrij, die stil leeft aan een vrouw haar zij,

††† Hoe het stormt bij donk're nacht, hij rust in haar armen zacht,

††† Neen, een zeeman smaakt geen rust, wanneer hij wegzeilt van de kust.

 

5Het stormt toch altijd niet op zee, wanneer ik wegzeil van de ree,

††† Aan ieder strand, waar ik ook kom, dan kus ik een lieve meisjesmond,

††† Kom ik weer in een ander land, vul ik den beker tot de rand,

††† Altijd lustig, altijd blij, leven wij van zorgen vrij.

 

6Neen aan boord leeft men niet vrij,†† dag in, dag uit, is`t slavernij,

††† En ied're dag brengt nieuw gevaar, dat geen landman wordt gewaar,

††† Want de oogst en land en graan, boter, kaas brengt vreugde aan,

††† Gij verkrijgt slechts scheepsbeschuit, dag aan dag, jaar in, jaar uit.

 

7Ik ben met scheepsbeschuit tevree, dat brengt ons de gewoonte mee,

††† En ook aan kost'lijk vleesch en spek, lijdt de zeeman geen gebrek,

††† Zonder zorgen zeilen wij voort, somtijds hebben we`t goed aan boord,

††† Altijd vrolijk, altijd blij, leven wij van zorgen vrij.

 

8Dat het ons dan ook voortaan, land en Zeeman, goed mag gaan,

††† Want wij dragen beide bij, tot`t geluk der maatschappij,

††† Dat het ons dan ook voortaan, land en Zeeman goed mag gaan,

††† Want wij dragen beide bij, tot`t geluk der maatschappij.††

†††††††

††††††††† **************

 

Geluidsfragment

 

Volgend lied

 

Terug naar titel en beginregel

 

Terug naar Terschellinger liedjes

 

Terug naar Homepage