6      EEN BOER, EEN BOER EN EEN EDELE BOER

         (oost in C)        

 

1  Een boer , een boer en een edele boer, en een boer al van zijn landen,

    Die had er zijn wagen met hout gelaan, dat hij zou verkopen gaan,

    Op de markt daar kwam hij te lande,   )  bis

 

2  Maar toen hij over de valbrug kwam,   waar een juffrouw stond te kijken,

    Hij sprak:"Mijn allerliefste juffrouw mijn, mag ik er vannacht eens bij u zijn,

    Ik verhuurde mijn paarden en mijn wagen.   ) bis

                                                                                                    

3  De juffrouw van de lichte trant, sprak:"Landman, treed maar binnen",

    Zij stuurde de meid naar de vismarkt toe, zonder kousen en zonder schoen,

    Om te spelen een rolletje van binnen.       ) bis

 

4  Maar toen de boer zijn dingen had gedaan, begon hij bitter te klagen:

    "Had ik maar geweten, wat ik nu al weet, dat de ene vrouw op de andere leek,

    `k Had behouden mijn paarden en mijn wagen".) bis  

 

5  De heer die van de jacht thuiskwam, die hoorde dat boertje klagen,

    "Gij zegt dat`t één gelijk `t ander is, de waarheid zal ik weten, dat is gewis,

    En waarom gij gaf uw ros en wagen.          ) bis

 

6  De boer kreeg allengs nieuwe moed, en verstoutte zich te vragen:

    "Ik had hier een wagen met hout gebracht, maar zij heeft het kromhout te min geacht,

    En begeert nu mijn paarden en mijn wagen".  ) bis

 

7  De  heer sprak:"Landman, wees gerust, en heb voorwaar geen vrezen,

    Paarden en wagen zijn al te veel waard, en kromhout dat brandt er wel naar den aard,

    Een schuldenaar zult gij hier niet wezen".    ) bis

 

8  De boer kreeg zijn paarden en zijn wagen weerom, en zijn geld in volle sommen,

    Al zijn er de boeren dan nog zo fijn, het kromhout dat brandt er zo groot en klein,

    Als het maar bij het vuur kan kommen.         ) bis

 

9  En toen de boer weer naar huis toe reed, trok hij lustig aan de touwtjes,

    En zong:"Had ik nog meer kromhout staan,ik zou naar de markt niet meer rijden gaan,

    Ik verkocht het terstond aan de vrouwtjes".    ) bis

            

          *************** 

Geluidsfragment

 

Volgend lied 

 

Terug naar titel en beginregel

 

Terug naar Terschellinger liedjes

 

Terug naar Homepage