21      NAPOLEON WAAR ZIJT GIJ GEBLEVEN

           (oost in C)

 

1  Napoleon waar zijt gij gebleven, Napoleon, waar is uw tijd,

    Eertijds waart gij Keizer van Rome, maar nu zijt gij alles weer kwijt.    ) bis

 

2  Waar zijn al uw brave soldaten, waar is Maria Louise, uw kind,

    Geheel Nederland moest gij verlaten, daar ge u op een eiland bevindt.        ) bis

 

3  Waar is Vlissingen, Antwerpen, Ostende, waarvan gij trok zo menig miljoen?

    Eertijds had gij er plaats om te wonen,maar nu hebt gij er niets meer te doen. ) bis

 

4  Waterloo, zult gij altijd onthouden, als gij denkt aan die droevige dag,

    Gij meendet u dapper te houden, maar helaas, gij verloort er de slag.   ) bis

 

5  Gij roept altijd,:"Komt over, gij Belgen, komt nader en reikt mij de hand,

    Had ik u, ik zou er niet wijken, niet bevreesd zijn voor Holland".     ) bis

 

6  Maar niets kon het roepen u baten, gij verloort ja, hand over hand,

    En veel van mijn brave soldaten, die moest ge laten in de brand.       ) bis

 

7  Men zag daar de eerste lancieren, de dragonders die waren vooruit,

    Maar de Hollandse kurassieren, die speelden altijd achteruit.    ) bis

 

8  "Adieu dan, Frankrijk hoog geprezen, ik heb er verloren de slag,

    Nederland heb ik moeten vrezen, ik moest naar het eiland voor straf".   ) bis

 

9  "Ik zeg adieu, mijn brave soldaten, ik zeg adieu, mijn vrouw en mijn zoon,

    Dit verlies doet mij u verlaten,  ja, zelfs stad, en land en kroon".      ) bis

 

                     ***************

Geluidsfragment 

 

Volgend lied

 

Terug naar titel en beginregel

 

Terug naar Terschellinger liedjes

 

 

Terug naar Homepage